woensdag 15 april 2020

Dat scheelde niet veel (1)

In mijn jeugd gingen we elk jaar op vakantie naar Texel. We zaten altijd in De Koog. Eerst in het dorp, in een zomerhuis met de mooie naam Weltevreden, later op camping Kogerstrand in een houten verblijf, Mardola. En als het maar ook een beetje lekker weer was, gingen we de hele dag naar het strand en zwommen we in de zee. Met eb mochten we niet het water in. Dan trok de zee zich terug en dat was gevaarlijk. Dus zwom ik die dag veilig tijdens vloed, samen met mijn vader. Maar ook met opkomend getij kon er een landafwaartse onderstroom zijn, een muistroom. En daar kwamen we in terecht met z'n tweeën. In no time waren we honderd meter van het strand. Er tegenin zwemmen leverde niets op, hoe hard wij het ook probeerden. We moesten er zijwaarts uit zien te komen. Dat lukte wonderwel. Uitgeput en nog trillend van de spanning, krabbelden we een stuk verder weer het strand op. 'Dat scheelde niet veel Bob', zei mijn vader. 'We moeten het misschien maar niet aan ma vertellen'.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten