Mijn twee broers en ik liepen altijd gezamenlijk naar school. Nou ja, in mijn herinnering was dat altijd, maar gezien ons leeftijdsverschil zal het hoogstens een paar jaar zijn geweest. De wandeling duurde ongeveer een kwartier en voerde door de brede straten van Utrecht-Zuid. Daar liepen we dan in onze korte broekjes.
Onderweg kwamen we vijanden tegen. Er waren drie meisjes die er, achteraf denkend, uitzagen als Annie uit de film. Ook met zo'n jurkje. We noemden ze de krullebollen. Maar anders dan Annie waren ze heel gemeen. Als we de krullenbollen in de verte zagen, liepen wij stoere broers een straatje om.
En dan had je nog de veertjes. Drie jongens, wat ouder dan wij, die verend liepen. Bij elke stap, zakten ze een beetje door hun kruis. Als ik nu iemand zo zie lopen, moet ik altijd aan die jongens denken en voel ik het in mijn maag. De veertjes. Ze waren nog meedogenlozer dan de krullenbollen. Voor die jongens sloegen wij echt hard hollend op de vlucht.
Er gebeurde nooit wat maar in ons hoofd was de weg naar school een jungle.
Vergeet de kinderlokker niet, hè, die ergens halverwege de Constant Erzijstraat moest wonen. Geen idee hoe wij wisten dat daar een kinderlokker woonde en wat die man met ons wilde. Maar toch.
BeantwoordenVerwijderenDie Veertjes tilden hun hak te hoog op, denk ik, terwijl hun tenen de grond nog raakten. Als ik wil kan ik ook zo lopen.
We waren veilig als we bij de Verkerkjes waren.
BeantwoordenVerwijderenZeker. De kinderlokker. De chinees met de strooien hoed! Vooroordelen mochten toen nog gewoon.
BeantwoordenVerwijderenNooit geweten dat het een chinees was. Zeker niet 'de chinees met de strooien hoed'. Zegt mij niets.
BeantwoordenVerwijderen